Het onderwijs

Leren en genieten

Op Meander vrijeschool voor basisonderwijs willen we onze leerlingen zo begeleiden, dat ze datgene, wat zij in aanleg met zich meebrengen, later in hun leven kunnen verwezenlijken.

Door bij de essentie van het kind te komen, helpen wij het kind in zijn ontwikkeling. De vrijeschool streeft naar een ontwikkeling van de verschillende kwaliteiten van een mens. Daarom wordt naast de intellectuele of cognitieve ontwikkeling de emotionele, sociale en kunstzinnige vorming van het kind gestimuleerd. Kennis, kunst, ambacht en beschouwing worden nauw verweven, zodat kennis in een zo breed mogelijk perspectief komt te staan en de kinderen gemotiveerd blijven om te leren.

Op Meander wordt de leerstof afgestemd op de leeftijd en ontwikkelingsfase van het kind. Het leren met hoofd, hart en handen en het ontwikkelen van het denken, voelen en willen vormen een natuurlijke samenhang in de evenwichtige leerweg, die het kind aangeboden wordt. Blijvende eigen creativiteit wordt gestimuleerd door levend wordende wetenschap, systematisch oefenen, kunst en beschouwing. Schrijven, lezen en rekenen worden goed aangeleerd en ieder jaar volgens een landelijk volgsysteem getoetst. Hieruit blijkt dat de leerlingen van Meander goed scoren. Zo gingen het afgelopen jaar van de 46 leerlingen in de 6e klas: 39% naar het VWO, 26% naar het HAVO en 35% naar het VMBO.

Op Meander is het proces van leren belangrijk. Het kind dat leert, leert de wereld en zichzelf kennen. Leren en opvoeden zijn nauw met elkaar verbonden en vragen om persoonlijke betrokkenheid van de leraar. Dit draagt eraan bij dat onze leerlingen zich moedig en vrij in de wereld kunnen bewegen.

Het jonge kind van 4 tot 6 jaar
Iedere schooldag heeft een vast ritme van in- en ontspannend leren. De dagen van de week hebben elk hun eigen kleur met verschillende activiteiten. Het ritme van de seizoenen en jaarfeesten lopen als een rode draad door het jaar. Ritme en regelmaat op school bieden het kind houvast, structuur en vertrouwen. Het kind geniet en vind het prettig als het weet wat er komen gaat.

Het kind van 6 tot 12 jaar
In elk leerjaar sluit de leerstof aan bij de ontwikkelingsfase van de kinderen. Vooral de vertelstof speelt hierin een belangrijke rol: Sprookjes, fabels en legenden, oude testament, Noorse, Germaanse, Griekse en Romeinse mythologie komen in de achtereenvolgende jaren aan bod. Hier is weer sprake van een duidelijk dag-, week- en jaarritme. Dat is terug te vinden in het periode onderwijs, de vaklessen en de jaarfeesten.

Periodeonderwijs
De eerste uren van de dag volgen de kinderen het zogenaamde periode onderwijs. Gedurende drie tot vier weken wordt er aan bepaalde leerstof gewerkt: Nederlandse taal, rekenen, meetkunde, heemkunde, plant- en dierkunde, weerkunde, mineralogie, natuurkunde en geschiedenis. Het periode onderwijs biedt de mogelijkheid in een korte periode dieper op de leerstof in te gaan en het geleerde op allerlei manieren te verwerken en te oefenen: denkend, uitbeeldend, belevend, tekenend, schrijvend, boetserend.

Vaklessen en kunstzinnig onderwijs
Na het periodeonderwijs volgen vaklessen voor vreemde talen, begrijpend lezen, verkeer, topografie, tekenen, vormtekenen, boetseren, schilderen, handwerken, handenarbeid, muziek, koorzang, boerderijwerk, godsdienst, gymnastiek, euritmie en volksdansen. Sommige vakken worden door vakleerkrachten gegeven. De meeste door de klassenleerkracht. Vanaf klas 2 wordt Nederlandse taal en rekenen naast het periodeonderwijs ook geoefend in de verschillende oefenuren.

Jaarfeesten
Met de jaarfeesten beleven de kinderen het ritme van het jaar en de wisseling van de seizoenen. De feesten zijn ook belangrijk voor de sociale gemeenschap. We vieren de jaarfeesten samen: kinderen, leerkrachten en vaak ouders/verzorgers. De jaarfeesten zijn: Michaƫl, Sint Maarten, Sint Nicolaas, Advent, Kerstmis, Driekoningen, Maria Lichtmis, Carnaval, Palmpasen, Pasen, Pinksteren en Sint Jan.